CAO PO 2019-2020

In december 2019 hebben cao-partijen een onderhandelaarsakkoord afgesloten voor een nieuwe cao voor het primair onderwijs. De teksten van enkele hoofdstukken had de PO-Raad reeds eerder gepubliceerd, maar nu is de gehele cao gereed. Deze CAO PO 2019-2020 is ook aangemeld bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

De tekst in deze cao geldt vanaf 1 januari 2020.

Deze cao omvat onder andere nieuwe teksten van de hoofdstukken 5 (functiebeschrijvingen), 6 (salarissen), 7 (vergoedingen), 9 (professionalisering) en 10 (van werk naar werk).

In deze cao is de modernisering verder vormgegeven en is de beleidsvrijheid van schoolbesturen toegenomen. Ook hebben er wijzigingen plaatsgevonden als gevolg van de invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA) en de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB). Voor de belangrijkste wijzigingen verwijzen wij naar ons artikel van 13 januari 2020. De volledige cao vindt u hier.

Update coronavirus en bekostiging vervanging

Naar aanleiding van vragen uit het onderwijsveld over het coronavirus in relatie tot de bekostiging van vervanging heeft het Vervangingsfonds (Vf) een aantal maatregelen uitgewerkt om de onderwijssector tegemoet te komen in deze moeilijke periode.

Maatregel 1: declaratiemogelijkheid voor vervanging van een werknemer die uit voorzorg thuisblijft

Wanneer een werknemer wordt vervangen die uit voorzorg thuisblijft, vergoedt het Vf deze vervanging.
Wijze van indienen: via de na-declaratietool.
Vul als reden van afwezigheid in: ziekte.
Voeg in opmerkingenveld toe: medewerker is uit voorzorg thuisgebleven.

NB. deze declaratiemogelijkheid is helaas niet beschikbaar voor schoolbesturen die gebruikmaken van een financiële variant.

Maatregel 2:  buiten werking stellen van de termijn van 8 weken bij cases

Voor sommige vervangingsdeclaraties vraagt het Vf extra informatie of aanvullende documenten op bij een schoolbestuur (de ‘cases’.) Het Vf controleert normaliter of de termijn van 8 weken voor deze cases is verstreken. Is dat het geval, dan wordt de declaratie afgewezen.

Omdat het in deze periode voor schoolbesturen niet altijd mogelijk is om de gevraagde documenten tijdig aan het Vf te kunnen leveren, wordt de termijn van 8 weken gedurende deze periode opgeschort.

Maatregel 3: indieningstermijn vervangingsdeclaraties verlengt naar 6 maanden en 5 dagen

Het Vf hanteert normaal een indieningstermijn van 3 maanden en 5 werkdagen na afloop van de maand waarin de vervanging heeft plaatsgevonden.

In deze periode kan het voor schoolbesturen en administratiekantoren lastig zijn om hun declaraties op tijd in te dienen. Daarom wordt de indieningstermijn gedurende deze periode verlengt naar 6 maanden.

Maatregel 4: inzetpercentage van de vervangingspools (wordt nog onderzocht)

Schoolbesturen hebben aangegeven hun poolers niet of nauwelijks te kunnen inzetten. Dit heeft negatieve gevolgen voor het inzetpercentage van de vervangingspools.

Het Vervangingsfonds heeft oog voor dit probleem en is op dit moment hard bezig om hiervoor een passende oplossing te vinden. Zodra deze oplossing er is wordt u hierover geïnformeerd. Tot die tijd kunt u op de gebruikelijke wijze de poolverantwoording invullen.

Tot wanneer gelden deze maatregelen?

Deze maatregelen gelden zolang de grootste gevolgen van het coronavirus in Nederland nog niet voorbij zijn. Het Vf volgt hierin de richtlijnen van het RIVM. Zodra er met betrekking tot deze maatregelen wijzigingen optreden, zal het Vf u hierover uiteraard informeren.

Bron: www.vfpf.nl.

Vervangingskosten in verband met het coronavirus

Het bestuur van het Vervangingsfonds (Vf) heeft besloten dat vervanging van werknemers, die in verband met het coronavirus uit voorzorg thuis blijven, wordt vergoed door het Vf.

Het Vf is op dit moment druk bezig met het nader uitwerken van deze en andere maatregelen, om schoolbesturen zo goed als mogelijk te ondersteunen in deze periode. Zodra de maatregelen geïmplementeerd zijn, zult u hierover nader worden geïnformeerd.

KeK: vervanging voor één dag

Bent u op zoek naar vervanging? IPPON biedt het KeK programma.
• Een geslaagde lesdag, verzorgd door een vakspecialist
• Actuele onderwijs thema’s die aansluiten op de kerndoelen
• Vanaf € 350,-
• Ook zeer goed in te zetten voor burgerschap

U kunt KeK inzetten ter ondersteuning van het curriculum, voor een vervangingsdag en/of voor ondersteuning bij leergebieden zoals burgerschap. KeK-dagen worden gegeven door zeer enthousiaste specialisten, zoals programmeurs, muzikanten, kunstenaars, technici, biologen, et cetera. Het KeK programma biedt op vernieuwde wijze de thema’s aan volgens de kerndoelen van het primair onderwijs.

KeK-dagen worden veelvuldig ingezet voor de vervanging van een leerkracht. KeK-ers zijn uitstekende lesgevers, maar zijn niet per se bevoegd leraar. Het ministerie van OCenW heeft een handreiking opgesteld over het inzetten van onbevoegde specialisten. Hierin staat wanneer en hoe specialisten mogen worden ingezet. Indien u aangesloten bent bij het Vervangingsfonds, kunt u de onbevoegde specialist onder bepaalde voorwaarden declareren.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de project-manager KeK, Kevin Dekkers: 06-21938803 of via het algemene nummer van IPPON: 0318-830244.

Klik hier voor de column van VBS over het KeK-programma.

Onderhandelaarsakkoord CAO PO 2019-2020

Inmiddels hebben alle achterbannen van de cao-partijen ingestemd met het gesloten onderhandelaarsakkoord voor een nieuwe cao voor het primair onderwijs. In dit onderhandelaarsakkoord zijn afspraken gemaakt voor een nieuwe CAO PO met een looptijd van 1 maart 2019 tot 1 november 2020.

In het akkoord zijn de volgende afspraken gemaakt.

Salaris
– Met ingang van 1 januari 2020 worden de salarissen van alle medewerkers structureel verhoogd met 4,5%.
– Met ingang van 1 januari 2020 vervalt de inkomenstoelage voor het onderwijsondersteunend personeel en is deze toelage verwerkt in de salaristabellen. Bij directies en onderwijzend personeel heeft dit in de vorige cao al plaatsgevonden.
– In februari 2020 krijgen alle medewerkers (met uitzondering van LIO-ers en stagiairs) die in januari 2020 in dienst waren, een eenmalige uitkering van 33% van het (verhoogde) maandsalaris van januari 2020.
– In februari 2020 krijgen alle medewerkers (met uitzondering van LIO-ers en stagiairs) die in januari 2020 in dienst waren, een eenmalige uitkering van maximaal € 875,- bruto naar rato van de betrekkingsomvang en duur van het dienstverband in januari 2020.

De salaristabellen per 1 januari 2020 vindt u hier.

Functies
Iedere werkgever heroverweegt zijn functiegebouw voor de OOP- en directiefuncties uiterlijk per 1 augustus 2020. Dit betekent dat verouderde functiebeschrijvingen worden geactualiseerd. Er moet een afweging worden gemaakt of nieuwe functiebeschrijvingen (inclusief bijbehorende waardering) nodig zijn en welke functies zullen worden gehanteerd. Besluiten hierover worden genomen na overleg met en met instemming van de P(G)MR. Dit proces moet voor 1 augustus 2020 zijn afgerond en uiterlijk per 1 augustus 2020 worden geëffectueerd. Het is ook mogelijk om dit proces eerder af te ronden en nieuwe functies eerder te hanteren. Er zijn voorbeeldbeschrijvingen beschikbaar, maar schoolbesturen kunnen ook hun eigen beschrijvingen (laten) maken middels FUWAPO. Mocht inschaling in de schaal bij de nieuw gewaardeerde functie leiden tot een lager salaris dan in de oude schaal, dan behoudt de werknemer het oude salaris (inclusief uitzicht). Werkgever en werknemer leggen afspraken hierover voor 1 augustus 2020 vast in een addendum bij de arbeidsovereenkomst.

Daarnaast worden er nieuwe salarisschalen voor directeuren en adjunct-directeuren ingevoerd. Uiterlijk per 1 augustus 2020 vervallen de oude A- en D-schalen. De directeur ontvangt naast het salaris in de nieuwe D-schaal niet nog een aparte directietoelage; deze zit verdisconteerd in het nieuwe maandsalaris.

Professionalisering
Elke werknemer in het OP en OOP heeft, naar rato van de werktijdfactor, recht op een individueel professionaliseringsbudget van € 500,- per jaar en 2 uren per werkweek om invulling te geven aan zijn individuele professionele ontwikkeling. Voor de jaren 2020 en 2021 wordt het individuele professionaliseringsbudget verhoogd met € 100,- per jaar naar rato van de betrekkingsomvang.

WNRA
Voor het openbaar onderwijs is dezelfde ketenregeling, inclusief de uitzonderingen, van toepassing als in het bijzonder onderwijs. De regelingen voor bovenwettelijke uitkeringen en de transitievergoeding zijn voor het openbaar onderwijs en het bijzonder onderwijs gelijk. Voor openbare besturen wordt overgangsrecht voor de RDDF-plaatsing in de cao opgenomen.

Van-werk-naar-werk en transitievergoeding
Bij een voorzien probleem met de formatie (in UWV-termen: er dreigt ontslag op bedrijfseconomische gronden), vindt altijd overleg plaats met vakbonden. In dit overleg maakt de werkgever met bonden afspraken over: vrijwillig vertrek, boventallig verklaring (wie is er boventallig?), duur van het sociaal plan (dus niet meer standaard 2 jaar), te nemen maatregelen voor van-werk-naar-werk-begeleiding en maatregelen ter bevordering van uitstroom uit werkloosheid (naar werk). Als het probleem cijfermatig niet zo groot is, neemt slechts een deel van de vakbonden deel aan het overleg.

Ontslagbeleid en werkgelegenheidsbeleid komen hiermee te vervallen. Ook de transitievergoeding bij ontslag op bedrijfseconomische gronden komt te vervallen.

Overige afspraken
Naast voorgaande afspraken zullen enkele hoofdstukken in de cao gemoderniseerd worden en zijn nog enkele overige afspraken in het akkoord opgenomen. Het volledige akkoord vindt u hier.

Deze cao vraagt van werkgevers dat zij nadenken over hun functiebouwhuis en de te hanteren functiebeschrijvingen met bijbehorende functiewaardering en dat zij hierin keuzes maken. Groenendijk Onderwijsadministratie beschikt over FUWA-gecertificeerde adviseurs en kan u hierbij ondersteunen.

Ook zal Groenendijk een Groenendijk Directie Informatieochtend (GDI) organiseren waarin wij u nader bijpraten over de wijzigingen in de nieuwe CAO PO en de gevolgen hiervan. Wij informeren u hierover later nader.

Een persoonlijk gesprek met een ABP-adviseur

Mogelijk heeft u (of uw werknemer) vragen over de individuele pensioensituatie, waarde-overdracht, arbeidsongeschiktheid, overlijden of pensioen na scheiding.

Hierbij kunt u gebruikmaken van het pensioenoverzicht van ABP, of MijnABP op www.abp.nl.

Mogelijk dat u (daarnaast) een persoonlijk gesprek wenst met een pensioenspecialist van ABP die uw persoonlijke pensioensituatie met u kan doornemen.

Groenendijk Onderwijsadministratie organiseert in samenwerking met ABP met regelmaat pensioenspreekuren.

Voor onze locatie in Beverwijk is er een spreekuur op dinsdag 21 januari en dinsdag 7 april 2020.
Voor onze locatie in Sliedrecht is er een spreekuur gepland op woensdag 4 maart 2020.

U kunt zich aanmelden via https://www.groenendijk.nl/dienstverlening/advies__beleid/abp_spreekuur.

Winnaars BRAVO Bestuursbokaal 2019 bekend

Voila te Leusden (PO) en CSG Reggesteyn te Nijverdal (VO) zijn uitgeroepen tot de winnaars van de BRAVO Bestuursbokaal 2019 in het Primair Onderwijs respectievelijk Voortgezet Onderwijs. Dit is de prijs die Branchevereniging voor onderwijsbedrijfsvoering (kortgezegd: BRAVO) dit jaar uitreikte aan scholen die het Beste Bestuursverslag in het PO respectievelijk VO kunnen voorleggen.

Tijdens een feestelijke bijeenkomst op maandag 25 november 2019 werden de winnaars door de juryvoorzitter, de heer B. Vogels (Wijs Accountants), bekendgemaakt en ontvingen zij uit handen van de voorzitter van Branchevereniging BRAVO, de heer B.L. Groenendijk, de Bestuursbokaal voor het Beste Bestuursverslag 2018.

 

 

 

 

 

 

Lees hier jaarverslag van Voila. Het jaarverslag van CSG Reggesteyn kunt u hier lezen.

PO – Materiële bekostiging 2020

De rijksvergoeding voor de materiële instandhouding van de scholen in het basisonderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs en samenwerkingsverbanden po en vo is gepubliceerd.

De bedragen van de bekostiging voor de materiële instandhouding is bijgesteld aan de hand van de werkelijke prijsontwikkeling 2018, zoals gepubliceerd in het Centraal Economisch Plan 2019, de geactualiseerde prijsontwikkeling in 2019 en de verwachte prijsontwikkeling in 2020, zoals gepubliceerd in de Macro Economische Verkenning 2020. Dit heeft voor 2020 geresulteerd in een verhoging van 1,60% ten opzichte van de bedragen voor de materiële instandhouding 2019.

De afzonderlijke bedragen van de programma’s van eisen zijn gepubliceerd in de Staatscourant van 9 oktober 2019.

PO – Modernisering Participatiefonds

Het onderwijs is eigenrisicodrager voor de werkloosheid en middels de premie die schoolbesturen aan het Participatiefonds (Pf) betalen worden de werkloosheidskosten collectief gedragen, mits is voldaan aan de complexe regelgeving van het Pf met navenante administratieve lasten.

Het Pf is bezig met het hervormen en verbeteren van de dienstverlening. Zij noemen dit de modernisering PF.

In overleg met OCW is besloten de oorspronkelijke streefdatum van de invoering van die modernisering te verschuiven van 1 augustus 2020 naar 1 januari 2021. Deze extra tijd is nodig om de zorgvuldigheid van het wetgevingstraject (aanpassingen in Wet PO en WEC) en de kwaliteit van onze dienstverlening te kunnen borgen.

Eén van de maatregelen die het Pf zelf inmiddels in gang heeft gezet is het vernieuwen van de re-integratieaanpak. Zij begeleiden uitkeringsgerechtigden op individueel niveau en bemiddelen bij vacatures in de regio. Daardoor helpen zij hen sneller aan een passende baan (binnen of buiten de sector), zodat de werkloosheidslasten omlaag gaan.

Daarnaast is het PF bezig met de opdracht om een nieuwe, eenvoudigere systematiek in te voeren voor het vergoeden van werkloosheidskosten. Hiermee kunnen de kosten ook eerlijker worden verdeeld.
Uitgangspunten bij de modernisering zijn:
– meer inzetten op het voorkomen van werkloosheidskosten;
– werkloosheidskosten beperken door inbouwen financiële prikkel;
– betere voorspelbaarheid in te verwachten vergoeding van werkloosheidskosten;
– vermindering van administratieve last.

Het zo vroeg mogelijk ingrijpen bij een dreigend ontslag wordt hiermee gestimuleerd. Dit vraagt van sommige schoolbesturen een andere benadering van hun personeelsbeleid en extra aandacht voor duurzame inzetbaarheid en van-werk-naar-werktrajecten.

De stap naar een andere baan is veelal gemakkelijker vanuit een werksituatie. Het Pf biedt straks ondersteuning om expertise in te schakelen en schoolbesturen op deze manier te helpen dit in hun organisatie te realiseren.

Ieder schoolbestuur heeft de verantwoordelijkheid om de eigen werkloosheidskosten beperkt te houden. Is ontslag toetsbaar onvermijdbaar, dan worden de kosten grotendeels vergoed door het Pf.

Na de modernisering betaalt het schoolbestuur altijd een eigen bijdrage in geval van een ontslag.

Standaard betaalt een schoolbestuur een eigen bijdrage van 50% van de werkloosheidskosten en wordt 50% vergoed vanuit het fonds. Dit geldt bij elk ontslag (einde dienstverband) dat tot werkloosheidskosten leidt. Een schoolbestuur hoeft hier verder geen vergoedingsverzoek voor in te dienen!

Voldoet het ontslag aan een van de beëindigingsgronden in het reglement en voldoet het schoolbestuur aan de inspanningsverplichting om het ontslag te voorkomen? Dan kan de werkgever een verzoek indienen om de eigen bijdrage te verlagen tot 10%.

Er gelden straks 5 ontslagsituaties waarbij een schoolbestuur in aanmerking kan komen voor een verlaging van de eigen bijdrage van 50% naar 10%:
1. ontslag via kantonrechter op persoonlijke gronden
2. ontslag via UWV op bedrijfseconomische gronden of in verband met ziekte
3. niet verlengen van een tijdelijk contract voor vervanging
4. beëindiging dienstverband d.m.v. een vaststellingsovereenkomst vanwege bedrijfseconomische noodzaak
5. beëindiging dienstverband op verzoek werknemer met recht op uitkering (bijv. omdat partner voor werk moet verhuizen door reorganisatie).

Als werkloosheidskosten aantoonbaar niet te voorkomen zijn, vergoedt het Pf dus 90% van de kosten en betaalt het schoolbestuur 10%.

Valt een beëindiging van het dienstverband niet onder bovengenoemde gronden, bijvoorbeeld een vaststellingsovereenkomst zonder bedrijfseconomische gronden, dan is de vergoeding vanuit het fonds altijd 50% en betaalt de werkgever 50% eigen bijdrage. Ook bij het aflopen van tijdelijke contracten anders dan voor vervanging geldt een standaardvergoeding van 50% en dus een eigen bijdrage van 50%. Daar hoeft de werkgever dan ook geen vergoedingsverzoek voor in te dienen.

Er zijn een aantal ‘uitzonderingsgevallen’ die nog moeten worden meegenomen bij het uitwerken van het nieuwe reglement. De verwachting is dat hier eind 2019 meer duidelijkheid over zal zijn.

Wanneer een bestuur een vergoedingsverzoek indient, wordt ook na de modernisering de inspanningsverplichting vereist dat het bestuur externe ondersteuning ter verkrijging van een andere werkkring (bijvoorbeeld outplacement) heeft aangeboden. De bedragen die hier nu voor gelden zullen vanaf de modernisering anders worden berekend. De precieze invulling van de inspanningsverplichting en de bijbehorende bedragen wordt op dit moment nog nader uitgewerkt.

Er komt voor de modernisering geen overgangsregeling. Uitgangspunt van het reglement is en blijft dat dit gekoppeld is aan de ontslagdatum. Ligt een ontslagdatum vóór 1 januari 2021, dan geldt het reglement dat op dat moment van kracht is. Ligt een ontslagdatum op of na 1 januari 2021, dan geldt het nieuwe reglement. Dit wil dus ook zeggen dat vergoedingsverzoeken op basis van de oude reglementen en de daaruit voortkomende beslissingen in stand blijven. Is eenmaal een vergoedingsverzoek toegekend op basis van de oude regels, dan zal de hoogte van de vergoeding dus niet wijzigen als gevolg van de modernisering.

Uiteindelijk kan de premie die een bestuur aan het Pf betaalt dalen. Dit zal echter niet direct met ingang van 1 januari 2021 gebeuren. De beschikkingen van voor 1 januari 2021 blijven gehandhaafd; de huidige populatie van werkloosheidsuitkeringen blijft voor de volledige vergoeding in aanmerking komen. Pas als deze populatie afneemt en de toekomstige populatie (vallend onder de nieuwe systematiek) in verhouding verschuift zal een premiedaling van toepassing worden. De premie wordt immers kostendekkend vastgesteld.