Subsidie voor brugfunctionaris

Tot en met 16 februari 2024 kunnen scholen subsidie aanvragen voor een brugfunctionaris. Hiervoor is jaarlijks € 51,8 miljoen subsidie beschikbaar.

De brugfunctionaris legt verbinding tussen het gezin thuis en het kind op school. Anders dan de rest van het schoolteam werken ze ook buiten de omgeving van de school. Ze zijn geen zorgverleners, maar weten wel waar de juiste hulp en ondersteuning te vinden is.

De brugfunctionaris is er voor alle vragen en zorgen die niet direct te maken hebben met onderwijs. Zo kunnen ze ouders helpen als er bijvoorbeeld een psycholoog, een wijkteam of jeugdhulp nodig is. Zo hebben ouders iemand die naast hen staat, worden leraren en begeleiders op school ontlast en komen leerlingen beter aan leren toe.

Scholen kunnen subsidie aanvragen via de website van DUS-I. Er is subsidie beschikbaar voor de schooljaren 2024-2025, 2025-2026 en 2026-2027.

Bron: VOS/ABB.

Subsidieregeling Verbinding po-vo binnenkort van start

De subsidieregeling Verbinding po-vo gaat vanaf het schooljaar 2024-2025 van start. De regeling volgt de subsidieregeling Doorstroomprogramma’s po-vo op en heeft als doel om de doorstroom van leerlingen van het po naar het vo te versoepelen. De aanvraagperiode voor de subsidie start naar verwachting in februari 2024.

De overgang van het po naar het vo is een kwetsbaar moment in een onderwijsloopbaan. Een goede samenwerking met duidelijke afspraken tussen scholen voor po en vo zorgt ervoor dat leerlingen zo min mogelijk worden geremd in hun ontwikkeling. Dit is met name belangrijk voor kinderen van ouders met een laag inkomen, omdat de leerprestaties en het welbevinden van deze leerlingen vaker een daling laten zien nadat ze van het po naar het vo zijn doorgestroomd. Ook krijgen zij vaker een advies dat niet goed aansluit bij hun capaciteiten. Daarom zijn zij nog meer gebaat zijn bij een soepele doorstroom naar het vo.

Subsidie voor een coalitie van scholen
De subsidie is beschikbaar voor scholen die samenwerken in een coalitie van minimaal twee basisscholen en één middelbare school. Scholen voor speciaal onderwijs kunnen ook deelnemen aan een coalitie. De subsidieregeling wordt naar verwachting begin februari 2024 gepubliceerd.

Bron: ministerie van OCW.

Aanpassing reiskostenvergoeding woon-werkverkeer per 1 januari 2024

In het primair onderwijs wordt de vergoeding voor woon-werkverkeer vanaf 1 januari 2024 een vaste vergoeding per maand in plaats van een vergoeding van het werkelijke aantal kilometers. Met de vakbonden is afgesproken om de invulling van de hogere kilometervergoeding aan te passen omdat de vergoeding van werkelijke kilometers leidt tot meer administratieve druk voor medewerkers en schoolorganisaties. 

De regeling blijft verder hetzelfde: 

  • Een vergoeding van € 0,17 per kilometer.
  • Een vergoeding voor de kilometers tussen 7 en 25 kilometer (enkele reis). De vergoeding wordt uiteraard uitbetaald voor de heen- en terugreis.
  • Voor vervangers blijft de bestaande uitzondering van toepassing. Zij ontvangen een vergoeding voor de kilometers tussen 7 en 34,5 kilometer enkele reis.
  • De vergoeding is gebaseerd op 208 reisdagen per jaar bij 5 reisdagen woon-werkverkeer per week. Deze wordt aangepast aan het aantal reisdagen van de medewerker.
  • De berekening is gebaseerd op een jaarbedrag dat wordt uitbetaald in 11 termijnen. De maand zonder uitbetaling is augustus.
  • De vergoeding loopt door tijdens de eerste twee weken van ziekte.

Artikel 7.2a van de cao primair onderwijs wordt gewijzigd als gevolg van de overeengekomen aanpassingen. De publicatie daarvan volgt op korte termijn.

Bron: PO-Raad.

Wijzigingen CAO PO en CAO VO doorgevoerd

In november 2023 worden in zowel Youforce als Visma HRM de onderstaande wijzigingen naar aanleiding van de nieuwe CAO Primair Onderwijs en de CAO Voortgezet Onderwijs doorgevoerd en – indien van toepassing – nabetaald.  De verhoging van de salarisschalen heeft al in oktober plaatsgevonden.

 

CAO Primair Onderwijs

Eenmalige uitkering
De eenmalige uitkering wordt naar rato van de deeltijdfactor opgebouwd over de maanden augustus t/m oktober. De hoogte van de uitkering is afhankelijk van de schaal van de medewerker (zie onderstaand). Het uitbetaalde bedrag is aangemerkt als grondslag voor het pensioengevend salaris van volgend jaar.

SchalenBedrag
1 t/m 5€ 1.000,00
6 t/m 9€ 600,00
Overige schalen€ 350,00

Arbeidsmarkttoelage directie
Per 1-7-2023 zijn de bedragen van de Arbeidsmarkttoelage directie aangepast naar onderstaande waardes per maand (bij een normbetrekking).

SchalenBedrag
A10 en A11€ 146,67
A12€ 73,33
D11 en D12€ 220,00
D13€ 110,00

Eindejaarsuitkering OOP
Per 1-7-2023 zijn de jaarbedragen aangepast naar onderstaande waardes.

SchalenBedrag
1-8€ 1.622,52
9-16€ 302,52

Uitlooptoeslag
Per 1-7-2023 zijn de bedragen van de uitlooptoeslag aangepast naar onderstaande waardes per maand (bij een normbetrekking).

SchalenBedrag
LB€ 39,25
LC€ 34,43
LD€ 62,69
LE€ 31,01

 

CAO Voortgezet Onderwijs

Eenmalige uitkering november 2023
De eenmalige uitkering is van toepassing voor medewerkers die op 1-11-2023 in dienst zijn en wordt uitbetaald naar rato van de betrekkingsomvang van november. De hoogte van de uitkering wordt bepaald aan de hand van de schaal van de medewerker (zie onderstaand). Het uitbetaalde bedrag is aangemerkt als grondslag voor het pensioengevend salaris van volgend jaar.

SchalenBedrag
1 t/m 5€ 1.000,00
6 t/m 9€ 600,00
Overige schalen€ 350,00

Extra eindejaarsuitkering OOP (schaal 1 t/m 8)
Per 1-7-2023 is het jaarbedrag verhoogd met 10% naar € 1.320 (was € 1.200).

Jaarlijkse uitkering OOP
Per 1-7-2023 is het jaarbedrag verhoogd met 10% naar € 302,50 (was € 275)

BHV-toeslag
Per 1-5-2023 is de bruto BHV-toeslag aangepast naar € 25. Hanteert u als werkgever afwijkende bedragen of betaalt u de toeslag netto uit en wilt u de bedragen aanpassen, neem dan contact op met uw contactpersoon van de personeels- en salarisadministratie.

Premiepercentages Vf en Pf 2024 bekend

Het bestuur van het Vervangingsfonds en het Participatiefonds heeft de premiepercentages voor 2024 vastgesteld. De premie voor het Vervangingsfonds stijgt licht, de premie voor het Participatiefonds daalt (onder voorbehoud van goedkeuring door de minister).

Premie Vervangingsfonds
De premies voor het Vervangingsfonds stijgen licht. Het percentage voor reguliere aansluiting gaat van 4,50% in 2023 naar 4,75% in 2024. Dit wordt veroorzaakt door een hoger verzuim, een stabiliserende vervangingsgraad en minder deelnemende schoolbesturen aan het reguliere fonds of één van de ERD-varianten. Door deze effecten wordt verwacht dat de kosten licht zullen stijgen, waardoor ook het premiepercentage om deze kosten te dekken meestijgt.

Premie Participatiefonds
De premie voor het Participatiefonds daalt. Het percentage gaat omlaag van 2,40% in 2023 naar 1,75% in 2024. Eén van de oorzaken is dat minder mensen een uitkering hebben of hebben aangevraagd. Ook zorgen de salarisstijgingen conform de nieuwe cao voor een hogere premiegrondslag, waardoor een lager premiepercentage nodig is.

Bron: www.vfpf.nl.

Uitbetaling salarisverhoging PO en VO

Voor zowel het primair onderwijs als het voortgezet onderwijs is er een nieuwe cao afgesloten met een looptijd van 1 mei 2023 tot en met 30 september 2024.

Per 1 juli 2023 worden de salarisbedragen verhoogd met 10%.

Uitbetaling in oktober
Zowel Visma|Raet (Youforce) als Visma HRM hebben aangegeven dat de salariswijzigingen met terugwerkende kracht zullen worden verwerkt in verwerkingsmaand oktober 2023.

Eenmalige uitkering
Daarnaast wordt de afgesproken eenmalige bruto uitkering uitbetaald in november 2023. Voor schaal 1 t/m 5 € 1.000,00; voor schaal 6 t/m 9 € 600,00 en voor de overige schalen € 350,00.

– In het PO wordt deze uitkering opgebouwd naar rato van diensttijd en betrekkingsomvang over de maanden augustus t/m oktober.
– Voor het VO geldt als voorwaarde dat men op 1 november 2023 in dienst moet zijn. De uitkering wordt naar rato van de betrekkingsomvang berekend.

Onderhandelingsakkoord bestuurders funderend onderwijs (PO en VO)

De VTOI-NVTK en de Vereniging voor Onderwijsbestuurders (VvOB) hebben op 3 juli 2023 een akkoord bereikt over de cao voor bestuurders in het funderend onderwijs – primair onderwijs (PO) en voortgezet onderwijs (VO).

In het kader van de uitgesproken intenties bij de ‘Verkenning Eén cao funderend onderwijs inclusief bestuurders’, hebben cao-partijen gewacht met het bekend maken van het onderhandelingsakkoord totdat er meer zicht is op de resultaten van de onderhandelingen voor de reguliere cao’s in het funderend onderwijs. (Zie publicatie van 19 april 2023 op de website van VTOI-NVTK respectievelijk VvOB).

De hoofdlijnen uit het onderhandelingsakkoord Cao Bestuurders Funderend onderwijs 2023 zijn de volgende:

  1. De cao heeft een looptijd van 1 maart 2023 tot en met 29 februari 2024.
  2. Partijen hebben overeenstemming bereikt over een algemene verhoging van de huidige salarissen met 3,2% met ingang van 1 maart 2023.
  3. Cao-partijen gaan onderzoeken wat de meerwaarde is van een beleidsrijkere cao.

Verder zullen in de tekst van de cao enkele technische aanpassingen worden aangebracht en toegelicht.

Toelichting op indexeringspercentage
Cao-partijen voeren een zelfstandig indexeringsbeleid, los van de reguliere cao’s in het funderend onderwijs. Bestuurders in het funderend onderwijs vallen onder de Wet normering topinkomens (WNT) en verder is het loongebouw sinds 2022 gebaseerd op de zeven bezoldigingsklassen van WNT voor de OCW-sectoren. Dit zorgt ervoor dat het kader voor de indexering anders is dan het kader voor de reguliere cao’s in het funderend onderwijs. Voor een collectieve verhoging van de salarissen is de voor 2023 beschikbare ruimte voor bestuurders in deze cao (binnen de WNT) optimaal benut.

Ten slotte
Binnenkort zal de ledenraadpleging bij beide verenigingen van start gaan. Bij VTOI-NVTK gaat het om de voorzitters/leden van de toezichthoudende organen van de sectoren PO en VO. Bij de VvOB om alle aangesloten leden in het primair en voortgezet onderwijs.

Bron: VTOI-NVTK.

Onderhandelaarsakkoord CAO PO 2023-2024

Onderhandelaars van de PO-Raad en de vakbonden AOb/FNV, CNV Connectief, FvOv en AVS zijn het eens geworden over een onderhandelaarsakkoord voor de cao primair onderwijs. Daarin is een loonstijging afgesproken van 10% per 1 juli 2023. Daarnaast krijgen medewerkers in november 2023 een eenmalige uitkering en er zijn afspraken gemaakt over verschillende onderwerpen, zoals woon-werkverkeer, directeuren en participatiebanen.

Loon en looptijd
Per 1 juli 2023 krijgen alle medewerkers in het primair onderwijs een loonsverhoging van 10%. Hiernaast ontvangen alle medewerkers een eenmalige uitkering. Deze is hoger voor werknemers in de lagere salarisschalen. Op basis van een voltijd dienstverband bedraagt de eenmalige uitkering € 1.000,- voor werknemers in de salarisschalen 1 tot en met 5, € 600,- voor werknemers in de salarisschalen 6 tot en met schaal 9, en € 350,- voor overige werknemers.

De onderhandelaars voor het primair onderwijs hebben hierbij nauw samengewerkt met de onderhandelingstafel in het voortgezet onderwijs, zodat de lonen in beide sectoren gelijk blijven en de loonkloof dicht blijft. De cao loopt van 1 mei 2023 tot en met 30 september 2024.

Verder stijgt de vergoeding voor woon-werkverkeer in het primair onderwijs van 12 naar 17 cent per kilometer en wordt de vergoeding betaald over alle reizen naar de werklocatie.

Personeelstekorten
Naast het tekort aan leraren, loopt het tekort aan schoolleiders steeds verder op. Sociale partners hebben afgesproken om de oorzaken van dit tekort nader te onderzoeken. Het doel van dit onderzoek is een beter inzicht te krijgen in de werkcontext van schoolleiders. Deze inzichten zullen worden gebruikt om de aantrekkelijkheid van het beroep te vergroten.

Participatiebanen
Werknemers die zijn opgenomen in het doelgroepregister (participatiebanen) krijgen met dit akkoord dezelfde arbeidsvoorwaarden zoals deze voor alle werknemers in de sector gelden. Zo krijgen zij net als andere werknemers een functiebeschrijving en de bijbehorende salarisschaal.

De onderhandelaars van PO-Raad en vakbonden hebben veel onderwerpen met elkaar besproken en daar verschillende soorten afspraken over gemaakt. Het volledige onderhandelaarsakkoord kunt u hier lezen.

Bron: PO-Raad.

Subsidie transitie onderwijs residentiële voorzieningen

Samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs kunnen tot en met 2 oktober 2023 subsidie aanvragen voor het ondersteunen van scholen bij het organiseren van onderwijs en ondersteuning aan jongeren die nu nog in gesloten residentiële voorzieningen zitten.

Bij plaatsing in een gesloten instelling gaan jongeren op dit moment over het algemeen naar een school voor voortgezet speciaal onderwijs op het terrein van de instelling. De rol van samenwerkingsverbanden is hierin beperkt. Alle gesloten jeugdhulpinstellingen moeten in 2025 echter kleinschalig werken en in 2030 moet het aantal gesloten plaatsingen zo dicht mogelijk bij nul zijn.

Deze transitie vraagt een intensievere inzet vanuit de samenwerkingsverbanden en scholen: zij zijn in de nieuwe situatie verantwoordelijk voor het vinden van een passende school en voor goede ondersteuning. Met behulp van de subsidie kunnen de scholen en samenwerkingsverbanden hiervoor een goed plan van aanpak ontwikkelen en uitvoeren.

Het is voor samenwerkingsverbanden tot en met 2 oktober mogelijk om deze subsidie aan te vragen. Dat kan via de website van de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I). Daar vindt u ook meer informatie.

Bron: VOS/ABB.

Groeifondsaanvraag voor het versterken van de professionalisering van leraren toegekend

Het kabinet heeft vrijdag 30 juni 2023 besloten om het advies van de commissie van het Nationaal Groeifonds over te nemen en voor de ‘Nationale Aanpak Professionalisering van Leraren’ (NAPL) een bedrag van 73,1 miljoen euro toe te kennen en een bedrag van 86,5 miljoen euro voorwaardelijk toe te kennen. Voorwaarden voor het toekenning van het gehele bedrag zijn onder andere de inrichting van de uitvoeringsorganisatie, een effectieve uitwisseling van best practices en merkbare resultaten in de klas. Er komt een tussenevaluatie om te toetsen of aan de voorwaarden wordt voldaan.

Aanvragen voor het Nationaal Groeifonds kunnen gedaan worden voor plannen die met een incidentele investering leiden tot een structurele verbetering van het verdienvermogen van Nederland. Voor de Nationale Aanpak Professionalisering Leraren werkt dat als volgt.

Nationale Aanpak Professionalisering Leraren
De Nationale Aanpak Professionalisering van Leraren is een tienjarig traject en heeft als doel de doorlopende professionalisering van leraren in het primair onderwijs (po), voortgezet onderwijs (vo) en middelbaar beroepsonderwijs (mbo) te structureren en te stimuleren.

In de NAPL nemen VO-raad, MBO Raad, PO-Raad, Universiteiten van Nederland, Vereniging Hogescholen, AOb, FvOv, Platform VVVO, BVMBO en het Lerarencollectief als partners deel. Het ministerie van OCW is vanuit zijn verantwoordelijkheid voor het onderwijsstelsel indiener van het voorstel.

In de NAPL werken leraren, scholen en opleidingen samen om leraren beter doorlopend te ontwikkelen: van startende leraar tot expert. Dat draagt niet alleen bij aan de kwaliteit van het onderwijs, maar ook aan de aantrekkelijkheid van het beroep van leraren. NAPL ontwikkelt een infrastructuur voor de professionalisering van leraren door te investeren in vier pijlers: landelijke ontwikkelpaden (pijler 1), een opleidingsregister (pijler 2), co-creatielabs in regionale netwerken (pijler 3) en een systeem van kwaliteitsborging (pijler 4). Deze nieuwe infrastructuur draagt bij aan een hogere kwaliteit van de professionalisering van leraren, daardoor een verbetering van onderwijskwaliteit, daardoor de groei van ontwikkelmogelijkheden van kinderen en daardoor een versterking van de economische welvaart en het verdienvermogen van Nederland.

De Nationale Aanpak Professionalisering van Leraren sluit goed aan bij de ambities van de VO-raad om de kennis en vaardigheden van leraren te versterken en loopbaanmogelijkheden te vergroten, zodat ieders talent kan worden ingezet. Een sterke leercultuur draagt bij aan de aantrekkelijkheid en status van het beroep van leraar. Deze aanpak sluit aan bij het Samen Opleiden & Professionaliseren en de ontwikkeling naar onderwijsregio’s waarin schoolbesturen samen met de lerarenopleidingen en de onderwijsprofessionals zelf, samenwerken aan het werven, matchen, begeleiden, opleiden en professionaliseren van onderwijsprofessionals.

Bron: VO-raad.